Je bent op tijd bij het CBR, je legitimatie ligt klaar en dan komt vaak alsnog die vraag op: hoe lang duurt rijexamen eigenlijk? Het praktijkexamen voor rijbewijs B duurt in totaal ongeveer 55 minuten. Dat is korter dan veel leerlingen verwachten, maar lang genoeg om te laten zien dat je veilig, zelfstandig en met overzicht kunt rijden.
Die 55 minuten bestaan niet alleen uit rijden. Je maakt kennis met de examinator, krijgt een korte uitleg, doet een ogentest en rijdt vervolgens ongeveer 35 minuten buiten. Daarna hoor je direct of je bent geslaagd. Juist omdat de tijd overzichtelijk is, helpt een goede voorbereiding: je hoeft niet foutloos te zijn, maar je moet wel laten zien dat je verantwoordelijke keuzes maakt.
Hoe lang duurt rijexamen bij het CBR precies?
Reken vanaf het moment dat je naar binnen gaat tot het uitslaggesprek op ongeveer 55 minuten. De precieze invulling kan per examen iets verschillen, bijvoorbeeld door de locatie, verkeersdrukte of een korte toelichting van de examinator. De vaste onderdelen blijven in grote lijnen hetzelfde.
Eerst controleert de examinator je identiteitsbewijs en stelt hij of zij je op je gemak met een korte kennismaking. Daarna volgt de ogentest. Je leest een kenteken op ongeveer 25 meter afstand. Draag je normaal een bril of lenzen tijdens het rijden, neem die dan vanzelfsprekend mee.
Vervolgens loop je samen naar de auto. De examinator kan je een vraag stellen over de auto, zoals het controleren van de verlichting, banden of ruitenwissers. Dit is geen theoretische overhoring. Het gaat erom dat je begrijpt hoe je veilig met de auto omgaat.
Daarna begint het rijgedeelte. Je rijdt ongeveer 35 minuten en krijgt onderweg aanwijzingen. Aan het einde parkeer je de auto, loop je terug naar binnen en krijg je meteen de uitslag met een toelichting.
Wat doe je tijdens die 35 minuten rijden?
Tijdens het rijden laat je geen vooraf ingestudeerde route zien. De examinator beoordeelt hoe je reageert op echte verkeerssituaties. In Leiden en omgeving kunnen dat drukke kruispunten, fietsers, rotondes, woonwijken, 30-kilometerzones en wegen waar je moet invoegen of voorsorteren zijn.
Je rijdt een deel op aanwijzing van de examinator. Ook kan zelfstandige routeopdracht onderdeel zijn van het examen. Je volgt dan bijvoorbeeld een navigatiesysteem of borden naar een bepaalde bestemming. Dat klinkt voor sommige leerlingen spannend, maar het doel is eenvoudig: kun je verkeersinformatie verwerken en tegelijk veilig blijven rijden?
Daarnaast kan de examinator vragen om een bijzondere verrichting. Denk aan achteruitrijden, parkeren, keren of stoppen en wegrijden op een helling. Welke opdracht je krijgt, verschilt. Je hoeft dus niet alle verrichtingen achter elkaar te doen. Belangrijker dan een perfecte uitvoering is dat je rustig kijkt, de auto beheerst en geen andere weggebruiker hindert of in gevaar brengt.
De examentijd is niet hetzelfde als je voorbereiding
Een rijexamen duurt dus nog geen uur, maar de voorbereiding erop is natuurlijk veel langer. Hoeveel lessen je nodig hebt, verschilt sterk per persoon. Iemand die snel verkeersinzicht ontwikkelt en regelmatig kan lessen, heeft vaak een andere route nodig dan iemand met rijangst, een volle agenda of eerdere negatieve ervaringen bij een andere rijschool.
Ook je lesduur speelt mee. Lessen van één uur zijn prettig om een nieuw onderdeel te oefenen. Een lesblok van twee uur biedt meer ruimte om situaties te herhalen, langere stukken te rijden en te werken aan zelfstandigheid. Dat kan vooral richting het examen waardevol zijn, omdat je leert je concentratie langer vast te houden zonder dat je gehaast oefent.
Een examen plannen omdat een pakket bijna op is, is zelden een goed uitgangspunt. Plan het wanneer je rijgedrag voldoende stabiel is. Je moet niet alleen op een rustige lesdag goed rijden, maar ook kunnen omgaan met onverwachte drukte, een gemiste afslag of een onduidelijke situatie.
Wanneer ben je echt klaar voor je rijexamen?
Klaar zijn betekent niet dat je nooit meer twijfelt. Bijna iedereen voelt spanning op de examendag. Je bent er wel klaar voor als je die spanning kunt opvangen met je vaste werkwijze: kijken, beslissen en handelen.
Een goede graadmeter is hoe zelfstandig je rijdt in de lessen. Moet je instructeur nog vaak ingrijpen, voortdurend vertellen waar je moet kijken of je vlak voor een kruispunt redden? Dan is extra oefening verstandig. Maak je een kleine fout, herken je die zelf en herstel je veilig? Dan laat je juist rijvaardigheid zien.
Bij Rijschool van der Pluijm werk je met de structuur van RIS 2.0. Daardoor weet je per les waar je aan werkt en welke onderdelen nog aandacht vragen. Dat geeft rust: je bereidt je niet vaag voor op ‘het examen’, maar bouwt stap voor stap aan vaardigheden die je daar nodig hebt.
Wat beoordeelt de examinator in korte tijd?
De examinator verwacht geen ervaren chauffeur. Wel kijkt hij of zij of je veilig genoeg rijdt om zelfstandig de weg op te gaan. Daarbij tellen je kijkgedrag, plaats op de weg, snelheid, afstand houden, voorrang verlenen en het herkennen van risico’s zwaar mee.
Ook besluitvaardigheid is belangrijk. Te lang wachten bij een veilige mogelijkheid om een kruispunt op te rijden kan het verkeer onnodig ophouden. Andersom is haastig invoegen of een krappe bocht nemen geen oplossing. Laat zien dat je situaties rustig inschat en een keuze maakt zodra die verantwoord is.
Een fout betekent niet automatisch dat je zakt. Misschien slaat de motor een keer af, kies je een verkeerde afslag of parkeer je niet in één beweging. Dat kan gebeuren. De examinator kijkt naar het totaalbeeld en vooral naar de gevolgen van een fout. Blijf daarom niet hangen in wat net misging. Herpak je, kijk opnieuw en rijd verder.
Zo gebruik je de 55 minuten in je voordeel
De beste voorbereiding op de duur van het examen is niet voortdurend op de klok kijken. Zorg liever dat je op de dag zelf ruimte hebt. Plan geen afspraak vlak ervoor, eet iets lichts en kom ruim op tijd. Een paar minuten rustig zitten is prettiger dan gehaast binnenkomen.
Luister tijdens het examen goed naar de aanwijzing. Heb je een opdracht niet verstaan, vraag dan gerust om herhaling. Dat is veel beter dan gokken. Begrijp je de routeopdracht wel, maar mis je veilig een afslag? Rijd dan door. De examinator past de route aan. Een plotselinge stuurbeweging of een verboden manoeuvre om alsnog af te slaan is nooit nodig.
Rijd zoals je tijdens een goede les rijdt. Blijf vooruitkijken, neem de tijd voor observatie en laat je niet opjagen door een automobilist achter je. De examinator beoordeelt jouw veilige keuzes, niet het ongeduld van iemand anders.
Handgeschakeld of automaat: verandert de examenduur?
Nee, de duur van het praktijkexamen is voor een handgeschakelde auto en automaat ongeveer gelijk. Wel verschilt waar je aandacht naartoe gaat. In een automaat hoef je niet te schakelen en kun je meer mentale ruimte ervaren voor kijken, plannen en verkeerssituaties. Dat maakt het examen niet makkelijker in de zin dat de eisen lager zijn: je moet nog steeds veilig en zelfstandig rijden.
Slaag je in een automaat, dan krijg je een rijbewijs waarmee je automaat mag rijden. Wil je later ook handgeschakeld rijden, dan heb je daarvoor een aanvullend praktijkexamen nodig. Welke keuze bij je past, hangt af van je persoonlijke voorkeur, je leerdoel en het soort auto waarin je later verwacht te rijden.
Na het rijexamen: direct duidelijkheid
Na de rit vertelt de examinator meteen of je bent geslaagd. Bij een positieve uitslag kun je je rijbewijs aanvragen bij de gemeente zodra de uitslag is verwerkt. Ben je niet geslaagd, dan krijg je uitleg over de onderdelen die nog aandacht vragen. Dat kan teleurstellend zijn, maar het geeft ook een concreet vertrekpunt voor de volgende lessen.
Zie die 55 minuten niet als een uur waarin je moet bewijzen dat je perfect bent. Het is een moment waarop je laat zien dat je veilig, zelfstandig en rustig aan het verkeer kunt deelnemen. Als je voorbereiding daarop is gericht, stap je niet alleen met meer vertrouwen de examenauto in, maar straks ook met meer zekerheid de weg op.

